Thuis wonen of in een instelling?

Veel mensen willen zo lang mogelijk thuis wonen. Ook als veel zorg en hulp nodig is. Toch kan er een moment zijn dat u voor de keuze komt: thuis blijven of verhuizen naar een instelling? Of dat u die keuze voor een ander moet maken, bijvoorbeeld uw kind met een beperking of een familielid.

Hoe maakt u een goede afweging?

Zelfstandig wonen geeft meer vrijheid, wonen in een instelling biedt de veiligheid van 24 uur per dag zorg in de buurt. Wat is voor u, uw kind of familielid belangrijk? Ook de belasting van mantelzorgers kan meespelen in de beslissing om naar een zorginstelling te wonen.

U kunt dit bespreken met uw naasten, en ook met een cliƫntondersteuner of uw zorgaanbieder (als u al zorg krijgt).

Welke zorg en ondersteuning kunt u thuis krijgen?

Thuis is vaak veel zorg en ondersteuning mogelijk, zoals hulp bij het huishouden, verpleging en verzorging, hulp bij de maaltijden en begeleiding bij praktische zaken. Zie hiervoor: Hulp en zorg thuis.

Heeft u intensieve zorg nodig (24 uur per dag zorg in de nabijheid/toezicht)? Dan kunt u misschien Wlz-zorg thuis krijgen. Het CIZ bepaalt of u daar recht op heeft. Als dat zo is, krijgt u een indicatie voor de Wlz. Vervolgens kan het zorgkantoor kijken of u die zorg thuis kunt krijgen. Dat kan als het verantwoord en veilig is.