Iedere leerling heeft recht op passend onderwijs. Ook kinderen met een ziekte, beperking of gedragsproblematiek.
Passende plek vinden
De school waar u uw kind aanmeldt moet een passende onderwijsplek organiseren. Dit is vastgelegd in de zorgplicht.
De school onderzoekt samen met u welke extra ondersteuning uw kind nodig heeft. Daarna bekijkt de school of het die ondersteuning zelf kan geven. Zo niet, dan zoekt de school een plek op een andere school. Soms wordt gekeken of het speciaal onderwijs een betere plek is.
Aanpassingen en ondersteuning op school
Na toelating stelt de school in samenwerking met u en uw kind een persoonlijk ontwikkelingsperspectief op. Hierin staan afspraken over extra begeleiding. Informatie over het persoonlijk ontwikkelingsperspectief vindt u bij het Nederlands Jeugd Instituut.
Bent u het niet eens met het ontwikkelingsperspectief? En komt u er samen met de school niet uit?
- Betrek het samenwerkingsverband passend onderwijs in uw regio. De school van uw kind weet welk samenwerkingsverband dit is.
- Komt u er nog niet uit? Dan kunt u een beroep doen op een onderwijsconsulent.
- Lost ook dat niets op? Dan kunt u een oordeel vragen aan de landelijke geschillencommissie passend onderwijs.
Kan een leerling het standaard programma niet volgen vanwege een ziekte of beperking? Dan is een aangepast programma mogelijk. Denk aan:
- Minder vakken.
- Langere tijd per vak, bijvoorbeeld door een jaarprogramma over meerdere jaren uit te spreiden of door een beperkt aantal vakken tegelijk aan te bieden.
- Starten met een creatief vak als het concentratievermogen te laag is voor een "leervak".
- Vrijstelling van vakken die lichamelijk te zwaar zijn, zoals gymnastiek.
Een opleiding op maat biedt vaak het meeste perspectief.
De exameneisen geven scholen behoorlijk ruimte voor individuele invulling. Voor sommige aanpassingen is overleg met de onderwijsinspectie nodig. Voorbeelden van aanpassingen zijn:
- Meer tijd geven om toetsen te maken.
- De begintijd van een toets aanpassen.
- Een aparte ruimte bij toetsen of examens.
- Examens bij de leerling thuis afnemen.
Het Ziezon Examendossier geeft een overzicht van alle mogelijkheden voor aanpassing van het examen.
Er zijn steeds meer mogelijkheden voor onderwijs op afstand. Enkele mogelijkheden:
- Routekaart voor maatwerk afstandsonderwijs: Zorgeloos naar school geeft meer informatie over de mogelijkheden van afstandsonderwijs.
- KlasseContact verbindt de zieke leerling met school en klasgenoten via een laptop thuis en ICT-set in de klas.
Ook onderwijs aan huis kan een optie zijn, bijvoorbeeld door docenten van school, stagiaires, studenten of buddy's. Mogelijke materialen hierbij zijn:
- Educatieve TV-programma's, zoals School-tv
- Lespakketten van een instelling voor schriftelijk onderwijs
- Gesproken boeken van de Bibliotheek Passend Lezen
Via IVIO@School is volledig thuisonderwijs mogelijk.
De bekostiging van afstands- en thuisonderwijs kan via het reguliere bedrag dat de school per leerling ontvangt of vanuit de budgetten die beschikbaar worden gesteld door regionale samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs.
Het is belangrijk dat bij het organiseren van afstands- of thuisonderwijs altijd de behandelaar van de leerling betrokken is. De behandelaar kan namelijk goed inschatten of dit passend is.
Zo nodig kan ook verpleging/verzorging en/of begeleiding bij gedragsproblemen op school worden georganiseerd.
Lukt het niet om het voortgezet onderwijs af te ronden? Leerlingen vanaf 18 jaar kunnen kiezen voor een instelling voor voortgezet volwassenenonderwijs (VAVO). Onder bepaalde voorwaarden kunnen leerlingen vanaf 16 jaar hier terecht. Het VAVO biedt onderwijs op vmbo-tl, havo en vwo-niveau.
Leerlingen in het VAVO volgen onderwijs per vak en kunnen per jaar een of meer deelcertificaten halen. Uiteindelijk kunnen die worden omgezet in een diploma. Op grond van behaalde resultaten op de oude school (examendossier, eventueel behaalde examenresultaten) zijn vrijstellingen mogelijk.
De student betaalt zelf de kosten voor het VAVO. Soms is een tegemoetkoming mogelijk. Meer informatie staat op Rijksoverheid.nl:
Speciaal onderwijs
Heeft uw kind specialistische begeleiding nodig, die de gewone scholen niet kunnen bieden? Dan is er speciaal onderwijs.
Clusters
Het speciaal onderwijs bestaat uit 4 clusters:
- Cluster 1: blinde, slechtziende leerlingen;
- Cluster 2: dove, slechthorende leerlingen of met een taal-spraakontwikkelingsstoornis;
- Cluster 3: lichamelijk gehandicapte en/of verstandelijk gehandicapte en langdurig zieke leerlingen (somatisch);
- Cluster 4: kinderen met psychische problemen en/of gedragsproblemen.
Cluster 3 en 4 scholen zijn onderdeel van de samenwerkingsverbanden passend onderwijs. Cluster 1 en 2 zijn landelijk georganiseerd.
Meer informatie vindt u op Rijksoverheid.nl.
Er zijn speciale scholingsinstituten die vakopleidingen bieden aan mensen met een beperking. Het UWV bepaalt of u zo'n speciale vakopleiding nodig heeft. U krijgt dan een indicatie ernstige scholingsbelemmeringen waarmee u speciaal beroepsonderwijs kunt volgen.
Opleidingsrichtingen
Er zijn opleidingen in verschillende richtingen. Bijvoorbeeld economisch-administratief, ICT, grafische techniek, zorg & welzijn of logistiek. Het diploma (of deelcertificaat) is officieel. Er zijn twee scholingsinstituten:
- REA College Nederland
- EEGA Plus.nl
Tips voor de school en ouders
Zorg dat één persoon (klasse-docent, mentor, decaan) de regie houdt over het aangepaste schoolprogramma van de leerling. Zet de gemaakte afspraken op papier.
Ga in gesprek
Een open gesprek tussen school en de leerling/ouders is heel belangrijk. Wat wil de leerling zelf? Wat is de onderwijsbehoefte? Bijna alle jongeren met een ziekte of beperking willen graag naar school. Vaak hebben zij zelf praktische, goed uitvoerbare oplossingen om zo goed mogelijk onderwijs te kunnen volgen.
Aandacht voor broers en zussen
Een kind met een ziekte of beperking heeft impact op het hele gezin. Ook op de broers en zussen van de zieke leerling. School kan voor hen een vertrouwde omgeving zijn, die structuur en veiligheid biedt. Het is goed om als school ook naar hen om te zien. Ziezon schreef voor leraren de handleiding Zorgen over, zorgen voor: de leerling met een zieke broer of zus.
Schakel zo nodig hulp in
Komen de leerlingen, ouders en de school er niet uit? Ook niet met het samenwerkingsverband passend onderwijs?
Het kan dan helpen om een onafhankelijk persoon in te schakelen.
- Een onderwijsconsulent kan ouders en scholen begeleiden, adviseren en bemiddelen bij het vinden van geschikt onderwijs met extra ondersteuningsbehoefte.
- Een begeleider passend onderwijs begeleidt leerkrachten, school en leerlingen in hun ondersteuningsbehoeften en draagt bij aan een ononderbroken ontwikkeling, goede schoolloopbaan en ontwikkelingsperspectiefplan. Meer informatie vindt u bij het samenwerkingsverband in de regio.
- Consulenten onderwijsondersteuning zieke leerlingen kunnen onderwijs, school en zieke leerling ondersteunen.
- Ook de leerplichtambtenaar kan meedenken over oplossingen als een leerling geen onderwijs krijgt. De leerplichtambtenaar is onafhankelijk. Als het op school niet goed gaat met uw kind en u komt er met de school niet uit, dan kunt u de leerplichtambtenaar bellen voor informatie of advies.
- De regionale expertteams (RET’s) zetten zich voor passende hulp bij kinderen en jongeren met complexe zorg- en/of onderwijsvraag. In elke jeugdregio is een regionaal expertteam ingericht.
Als uw kind niet is ingeschreven bij een school
Om onderwijs te organiseren is een inschrijving bij een school nodig. In de praktijk blijkt dat niet altijd te lukken. De leerplichtambtenaar kan meedenken als er geen school is waar uw kind ingeschreven kan worden.
Zie ook Leerlingen die vastlopen op school.
Vrijstelling van leerplicht
Leerlingen tot 16 jaar zijn leerplichtig. Als een leerling niet naar school komt, kan dat gevolgen hebben. Zie Rijksoverheid.nl voor meer informatie hierover. Het is van belang dat de leerling, ouders, school met elkaar in gesprek gaan als een leerling door een ziekte of beperking (gedeeltelijk) geen les kan volgen.
Op weg naar inclusief onderwijs
Het streven is dat in 2035 het onderwijs inclusief is. Jongeren met en zonder een extra onderwijsondersteuning gaan dan samen naar school. Dit vraagt onder meer om een betere verbinding en samenwerking tussen onderwijs en zorg. Zodat expertise vanuit zorg en jeugdhulp in de school beschikbaar is, waarbij de ontwikkeling van het kind centraal staat. Iedere jongere moet dichtbij, met de kinderen uit de buurt, naar de school van zijn/haar keuze kunnen.