Vakantie en afwezigheid bij verblijf in een zorginstelling

Als bewoner van een verpleeghuis of instelling voor gehandicaptenzorg kunt u op vakantie gaan of bijvoorbeeld bij familie logeren. De instelling levert op die dagen geen zorg, maar houdt wel uw woning vrij. Uw aanbieder krijgt daarvoor de kosten vergoed. Hiervoor gelden enkele regels. 

Zorg tijdens vakantie

Woont u in een Wlz-instelling en wilt u met vakantie? De zorg tijdens uw vakantie kan op verschillende manieren georganiseerd worden.

Vakantie in het buitenland

U kunt soms zorg betaald krijgen van een buitenlandse bevoegde zorgaanbieder. De Wlz-uitvoerder moet hiervoor eerst toestemming geven. Vraag hiernaar bij uw zorgkantoor, of kijk op de website van Zorginstituut NL.

Vakantie in Nederland

Uw zorgaanbieder mag de zorg tijdens uw vakantie zelf leveren. Of via onderaanneming een andere zorgaanbieder inschakelen. Uw zorgaanbieder is dat echter niet verplicht.

Als uw zorgaanbieder geen vergoeding geeft kunt u misschien een (gedeeltelijke) vergoeding krijgen via:

Heeft u Wlz-zorg thuis via een modulair pakket thuis (mpt) of persoonsgebonden budget (pgb)? Dan kunt u de kosten voor zorg tijdens de vakantie daaruit betalen.

Doorbetaling tijdens uw afwezigheid

Als u afwezig bent, lopen de kosten voor uw zorgaanbieder grotendeels door. Uw zorgaanbieder kan daarom kosten declareren als u afwezig bent. Dit kan in totaal 146 dagen per jaar. Dit gaat om maximaal:

  • 42 dagen vakantie per jaar, plus
  • 2 dagen logeren per week (voorheen weekendverlof, bijvoorbeeld om bij familie te zijn)

Als u langer afwezig bent, stopt de bekostiging. De zorgaanbieder mag uw zorgovereenkomst dan beëindigen. Dit komt overigens maar zelden voor. De zorgaanbieder en het zorgkantoor moeten in die uitzonderlijke situatie vervangende zorg regelen.

Deeltijdverblijf als alternatief?

Wilt u meer dan 2 dagen per week op een andere plek zijn dan in de instelling? Dan is deeltijdverblijf misschien geschikt. Dit is vooral bedoeld als een geleidelijke overgang van thuis wonen naar uiteindelijk volledig wonen in een instelling. Hierbij geldt:

  • Er is een vast patroon van aan- en afwezigheid in de insteling.
  • Thuis wonen moet verantwoord zijn op de dagen dat u niet in de instelling verblijft.

Op de dagen dat u thuis bent, is de plek in de instelling beschikbaar voor iemand anders die afwisselend thuis en in de instelling verblijft. Dat maakt deeltijdwonen minder geschikt voor bewoners die wel volledig in de zorginstelling wonen (en daar hun eigen woning hebben ingericht), maar die langer elders willen verblijven dan de gewone afwezigheidsdagen mogelijk maken.