Palliatieve mantelzorg

Is het duidelijk dat de persoon voor wie u zorgt naar verwachting minder dan een jaar te leven heeft? Dan spreken we over palliatieve mantelzorg. In de laatste fase van het leven krijgt mantelzorg vaak een andere invulling. U kunt hierbij hulp krijgen.

Wat maakt palliatieve mantelzorg anders?

Mantelzorg in de laatste fase van een leven is vaak anders, vanwege een mix aan emoties en de zwaardere zorgtaak. Vaak is de zorg persoonlijker. Denk aan wassen, aankleden en hulp bij de toiletgang. Geestelijk of fysiek afstand nemen is vaak lastig in deze fase.

Praktische zaken regelen

In deze periode wil degene die u verzorgt misschien ook praktische zaken regelen. Als mantelzorger kunt u daarbij helpen, bijvoorbeeld met administratieve zaken of het voorbereiden van het afscheid.

Eventuele wensen rond euthanasie en (niet) reanimeren

In de laatste fase past soms ook een gesprek over levensbeëindiging. Afhankelijk van de situatie kan het gaan om passieve of actieve levensbeëindiging (euthanasie). Wil uw naaste hierover praten? Voor dat gesprek kunt u vragen aan de huisarts of andere zorgprofessionals.

Extra hulp inschakelen

U kunt professionele verzorging en verpleging aanvragen via de wijkverpleging.

Daarnaast is hulp van een vrijwilliger mogelijk. De vrijwillger is er zowel voor de stervende patiënt als voor u als mantelzorger. Vrijwilligers ondersteunen door bijvoorbeeld voor te lezen, te praten of er gewoon te zijn.

Voor vrijwillige hulp kunt u onder meer terecht bij de volgende organisaties:

Informatie over verpleegkundige taken

Neemt u meer verpleegkundige taken op u, zoals hulp bij medicijninname, wondzorg of het bedienen van beademingsapparatuur? Dan kunt u daar uitleg over krijgen van professionals. Er zijn ook speciale trainingen, bijvoorbeeld over tiltechnieken en het volhouden van de zorg.

Lees meer over:

Hospice

Uw naaste kan in de laatste fase ook verpleegd worden in een hospice of bijna-thuis-huis. De dagelijkse zorg is in handen van ervaren vrijwilligers, professionele verpleegkundigen en de (eigen) huisarts. Ook is er aandacht voor emoties en ruimte voor persoonlijke stervensbegeleiding. De huiselijke sfeer geeft een bijna-thuis-gevoel.

Lees meer over hospice en bijna-thuis-huis.

Emotionele steun

Naast de mensen in uw eigen sociale netwerk zijn de huisarts en de thuiszorgmedewerker een belangrijke bron voor emotionele steun. U kunt van hen hulp krijgen bij:

  • Het gesprek met patiënten over de dood en hun wensen over de behandeling.
  • Uw eigen gevoelens, bijvoorbeeld als u de zorg niet meer aankunt.
  • De angst en onzekerheid over de dood en wat er komen gaat.
  • Het verdriet over het komende verlies.

Hoe is nazorg geregeld?

Na het overlijden moet er vaak nog veel gedaan worden. Zoals het afhandelen van administratie, opzeggen van de huur en het opruimen van spullen. U heeft misschien weinig ruimte voor het rouwproces. Daarom krijgt u vaak vanuit de professionele zorgverlening een afrondend gesprek. Bijvoorbeeld van de wijkverpleging. U kunt ook terecht bij uw eigen huisarts als de rouwperiode u zwaar valt.

Meer informatie