Een instellingsplek aan huis kan geschikt zijn voor kinderen/volwassenen die niet thuis kunnen wonen maar die ook geen passende plek in een zorginstelling hebben.
Het gaat om mensen met bijvoorbeeld een ernstige meervoudige beperking (EMB), een zeer ernstige verstandelijke en meervoudige beperking (ZEVMB) of ernstige gedragsproblemen.
Dicht bij het gezin
In deze constructie woont het kind dicht bij het gezin, met vaste zorgverleners. Ouders kunnen in loondienst zorg geven aan hun kind. Een deel mantelzorg blijft nodig, bijvoorbeeld als achterwacht. Deze bijzondere zorgvorm is in de praktijk uitgedacht en gerealiseerd als het Dex-Ster-Huis. Een vergelijkbare constructie is mogelijk voor 3-4 mensen (kleinschalig wooninitiatief met zorg in natura).
Stappenplan
Het stappenplan 'Instellingsplek aan huis' helpt ouders, de zorgaanbieder en het zorgkantoor om samen een soortgelijke zorgvorm te realiseren. Het gaat om maatwerk dus de constructie kan voor iedereen weer anders zijn.
Hoe regelt u dit?
U vraagt een Wlz-indicatie voor uw kind aan bij Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ). Krijgt uw kind al zorg van een zorgaanbieder? Die zorgaanbieder kan de aanvraag ook voor u doen.
Het CIZ onderzoekt of uw kind in aanmerking komt voor zorg vanuit de Wlz en zo ja, welk zorgprofiel het beste past. Bij de aanvraag geeft u aan of u zorg in natura wilt, of een persoonsgebonden budget. Een instellingsplek aan huis is zorg in natura.
Meer informatie
- Wlz-zorg voor jeugd
- Wlz-zorg voor volwassenen
- Aanvraagformulier Wlz
- Komt uw kind niet aanmerking voor Wlz-zorg? Dan kunt u met de gemeente overleggen of deze constructie mogelijk is op basis van de Jeugdwet of Wmo.
Hoe regelt u dit?
Het zorgkantoor kan helpen met de keuze voor een zorgaanbieder (Wtza-toegelaten aanbieder). Deze zorgaanbieder moet gecontracteerd zijn door het zorgkantoor.
Aandachtspunt
Een instellingsplek aan huis is een bijzondere constructie die past binnen de kaders van de Wlz, maar niet van iedere aanbieder te verwachten is. De kans op succes is het grootst als alle partijen hier samen voor gaan, en samen zoeken naar een invulling die bij de samenwerkende partijen en de regio past.
Hoe regelt u dit?
Organiseer een kennismakingsgesprek met de zorgaanbieder (bijvoorbeeld een bestuurder, manager en orthopedagoog) om helder te krijgen of iedereen hetzelfde beeld voor ogen heeft. Een zorgplan kan hierbij een leidraad zijn. Ook een woonzorgadvies van het CCE is hiervoor geschikt, als u dat heeft.
Tip
Krijgt uw kind nu zorg bij u thuis? Bespreek dan of zorgverleners van de nieuwe aanbieder een periode mee kunnen draaien in de huidige zorg, zodat iedereen elkaar vast leert kennen.
Hoe regelt u dit?
Biedt het best passende zorgprofiel onvoldoende ruimte? Vraag dan meerzorg aan bij uw zorgkantoor.
Let op:
- Meerzorg kunt u vaak pas aanvragen als de zorg al geleverd wordt. Overleg met uw zorgkantoor of het zo nodig vooraf kan.
- Is meerzorg niet mogelijk? Overleg met het zorgkantoor of andere regelingen mogelijk zijn.
Hoe regelt u dit?
- De gecontracteerde zorgaanbieder is de hoofdaannemer.
- Zo nodig sluit de hoofdaannemer een contract af met een onderaannemer, bijvoorbeeld een kleinschalige zorgaanbieder of een exploitatiestichting (ingeschreven bij de KvK).
- De zorgverleners komen in dienst bij de onderaannemer.
- De onderaannemer kan een ook ‘cluster’ zijn van de zorgaanbieder, met een zelfsturend team die onder een clustermanager van de zorgaanbieder valt. De clustermanager en orthopedagoog zijn dan de vaste aanspreekpunten, en betrokken bij de kwaliteit en organisatie van de zorg.
Aandachtspunten
- Bekijk de Model overeenkomst hoofd- en onderaannemer
- Vraag uw zorgkantoor naar eisen aan onderaannemers.
- De relevante KvK-code is 8720.
Hoe regelt u dit?
Een woning aan huis voor zorg heet een mantelzorgwoning of kangoeroewoning.
- Gebruikt u een bestaand gebouw? Controleer dan of de bestemming ‘wonen’ is. Vraag zo nodig een wijziging van het bestemmingsplan aan bij de gemeente.
- Bouwt u een nieuwe mantelzorgwoning? U heeft geen bouwvergunning nodig. U moet wel voldoen aan het Besluit bouwwerken leefomgeving.
Aandachtspunten
- De kosten voor een mantelzorgwoning aan huis betaalt u zelf. Soms is het mogelijk hiervoor een hypotheek af te sluiten. Zie ook onder ‘Vergoeding huisvesting’.
- Eventuele woningaanpassingen worden niet vergoed door de gemeente omdat het gaat om een instellingsplek. U betaalt de kosten zelf.
- Afhankelijk van de beperkingen van uw kind kan het nodig zijn om de instellingsplek aan huis dichtbij de zorginstelling of dichtbij het ziekenhuis te realiseren.
- Zie voor meer informatie: Mantelzorgwoning.
Hoe is dit geregeld?
De hoofdaannemer (zorgaanbieder) krijgt een vergoeding voor de huisvesting. Deze bestaat uit de normatieve huisvestingscomponent en de normatieve inventaris component. Daarmee kan de hoofdaannemer de mantelzorgwoning huren van de onderaannemer. Ook de inrichting van de woning kan hiermee (deels) gefinancierd worden.
Zijn er onvoorziene kosten aan de woning? De hoofdaannemer kan dan een bedrag voorschieten dat bijvoorbeeld in een aantal jaren terugbetaald wordt uit het zorgbudget.
Aandachtspunt
Wilt u de mantelzorgwoning met een hypotheek financieren? Breng dan de huuropbrengsten van de mantelzorgwoning onder de aandacht van de bank. Het kan helpen als de zorgaanbieder de constructie toelicht en daarmee meer zekerheid geeft aan de bank.
Hoe regelt u dit?
- De zorgaanbieder is eindverantwoordelijk voor de zorg. Het zorgteam werkt daarom samen met de orthopedagoog van de zorgaanbieder.
- De zorgverleners zijn loondienst van de onderaannemer. Vertrouwdheid en continuïteit worden zo veel mogelijk gewaarborgd.
- Eventuele huidige pgb-betaalde zorgverleners kunnen, als zij dat willen, in loondienst bij de zorgaanbieder.
- Er zijn ook organisaties die tijdelijke zorgverleners kunnen inzetten speciaal bij complexe zorgvragen. Uw zorgkantoor kan hier meer over vertellen.
- Maak goede afspraken met de zorgverleners over de privacy van uw kind en van uw gezin.
Aandachtspunten: ouders als zorgverleners
- Het is mogelijk om als ouder in loondienst te gaan bij de onderaannemer en diensten te draaien.
- Voordelen zijn: vast inkomen, doorbetaling bij ziekte, arbeidsongeschiktheidsverzekering, pensioenopbouw.
- U wordt deels professioneel zorgverlener, wat de relatie met uw kind kan veranderen.
- Bespreek met de onderaannemer of er opleidingseisen zijn.
- Ouders, zorgteam en zorgaanbieder zijn gelijkwaardig aan elkaar en moeten elkaar serieus nemen. Dit gaat vaak niet vanzelf en vraagt blijvend aandacht.
Dagbesteding/onderwijs
Dagbesteding kan bij de hoofdaannemer en/of op de woonplek gerealiseerd worden. Faciliteiten thuis moet u zelf (of met fondsen) betalen, eventueel (deels) uit normatieve huisvestingscomponent en de normatieve inventaris component.
Kan uw kind leren of zich verder ontwikkelen? Meer informatie over zorg en onderwijs en de regeling bekostiging EMB.
Vervoer
- Vervoer van en naar de instelling (bijvoorbeeld voor dagbesteding) wordt door de instelling geregeld.
- De gemeente vergoedt sociaal vervoer. Vraag bij uw gemeente welke mogelijkheden er zijn.
- Gemeenten vergoeden alleen bij uitzondering aanpassingen aan de auto.
- Zie ook: Belastingaftrek auto-aanpassingen.
Extra diensten
De onderaannemer kan een aantal diensten extern inkopen (bijvoorbeeld bij de hoofdaannemer), zoals nachtdiensten, administratieve ondersteuning, advies van orthopedagoog, versterking zorgteam, gebruik van faciliteiten zoals een zwembad. Deze diensten kunnen betaald worden uit het zorgbudget.
U heeft optimale transparantie als de hoofdaannemer de afgenomen diensten achteraf bij de onderaannemer factureert. De hoofdaannemer kan ook een vast percentage van het zorgbudget vragen. Richtlijn is een percentage van 5%.
Zie ook: Wat valt onder Wlz-zorg?
Waar gaat het om?
Aanvullende zorg is: geneeskundige zorg, huisartsenzorg, psychische zorg, medicatie, hulpmiddelen en tandheelkundige zorg.
Hoe regelt u dit?
Wie aanvullende (medische) zorg betaalt, is afhankelijk van de situatie van uw kind.
- Krijgt uw kind Wlz-behandeling van de instelling die hoofdaannemer is? Dan betaalt die instelling de aanvullende zorg (op grond van de Wlz). Zie hiervoor: Aanvullende zorg bij verblijf met behandeling.
- Krijgt uw kind geen Wlz-behandeling van de hoofdaannemer (ook als hij daar wel een indicatie voor heeft)? Dan valt de aanvullende zorg onder de zorgverzekering. U kunt bij uw zorgverzekeraar navragen welke zorg in het basispakket verzekerd is en voor welke zorg u eventueel een aanvullende verzekering kunt afsluiten.
Hoe regelt u dit?
De verhuizing naar de nieuwe woning kan veel stress meebrengen voor uw kind. De orthopedagoog van de zorgaanbieder kan met u een plan maken waarin u de verhuizing zelf en de aanpassing aan de nieuwe woning goed voorbereidt.
Aandachtspunten
- De verhuizing en bijbehorende aanpassing kunnen doelen op zich zijn in het ondersteuningsplan.
- Houd bij de meerzorgaanvraag rekening met bijvoorbeeld extra begeleiding in de eerste periode na de verhuizing.
FInanciële gevolgen
- U heeft geen recht op dubbele kinderbijslag omdat uw kind formeel niet thuis woont. •
- Tot uw kind 18 jaar is betaalt u geen eigen bijdrage voor de Wlz. Daarna betaalt u de hoge eigen bijdrage.